Licht van de wereld… Ik?

Preek over Mattheus 5,13-16.

Gemeente van Jezus Christus,

Hebben jullie ’s avonds thuis ook wel eens kaarsjes op tafel? Gezellig is dat, hé? Vooral nu het ’s avonds al weer vroeg donker wordt. Het is herfst en de winter komt eraan. Wij gebruiken daarom kaarsen om het binnen wat gezelliger te maken. Maar ik denk niet dat jij bij je bed ook een kaars hebt staan als je nog even mag lezen? Nee, daar heb je vast een elektrisch lampje! Met een knopje wat je zo aan en uit kan doen.

Wist je dat zulke elektrische lampen er vroeger helemaal niet waren? Toen waren kaarsen niet voor de gezelligheid, nee, toen waren ze echt nodig om licht te geven, anders was het stikdonker ’s avonds en ’s nachts. Hier in de kerk was toen ook nog geen elektrisch licht. Wij hebben nog altijd hier een kaarsenstandaard. In plaats van dat de koster dan voor de dienst dit lichtje aandeed, stak hij hier de kaarsen aan. Dan kon de dominee lezen uit de Bijbel en lezen wat hij op papier had geschreven voor de preek. En de mensen in de kerk konden dan gelijk ook de dominee zien.

Kaarsen hebben wij nu voor de gezelligheid, maar toen waren het de enige lichtpuntjes in het donker. Licht in het donker was toen echt wel iets bijzonders. Dat was in de tijd van de Bijbel ook zo. Wij hebben net uit de Bijbel gelezen, in de bergrede, dat Jezus zijn discipelen, zijn volgelingen ‘het zout der aarde’ en ‘het licht der wereld’ noemt. Hij bedoelt dan dus niet dat zijn discipelen gezellig bij kaarslicht moeten zitten, maar dat zijzelf bijzonder zijn.

Zoals die discipelen van Jezus dat hoorden uit Jezus eigen mond, zo horen jullie het vandaag, als gemeente van Christus ook uit zijn mond: Jullie, u bent bijzonder. Nou, denkt u misschien. Klopt dat wel? Is dat niet heel arrogant, als wij dat van onszelf zeggen als christenen? Dat wij zo bijzonder zijn?

Wacht even. Wij zeggen het niet van onszelf dat wij bijzonder zijn. Jezus zegt het tegen zijn volgelingen. Zij hebben dat niet zelf bedacht, zij hebben daar zelfs niet om gevraagd. Jezus zegt het gewoonweg. Hier in de kerk worden wij dus niet arrogant, voelen we ons dus niet beter, maar luisteren we naar de woorden van Jezus, en naar het Woord van God, de Bijbel. En zo horen wij God tegen mensen spreken, tegen ons spreken, zo horen wij Jezus zeggen: U, jullie, zijn het zout der aarde, jullie zijn het licht der wereld. Zoals u hier zit vanmorgen!

Hoezo dan? Wat hebt u dan voor bijzonders? Waarin ben je dan van bijzondere waarde in deze wereld, in ons land, in Everdingen? Omdat je het verhaal over Jezus Christus, over zijn kruisiging en opstanding gehoord hebt en hopelijk in je hart gesloten hebt. En dat is een hele kostbare schat, dat is het allerbelangrijkste wat er op aarde te krijgen valt. Dat is de smaak, de kleur, het licht van het leven. Daarmee heb je iets, wat mensen buiten de kerk niet hebben.

Wij zijn niet beter, maar wij hebben wel iets, wij weten iets, wij geloven in iets, wat de wereld niet heeft. Daar mogen we best een beetje trots op zijn. Stiekem. We hebben al zo vaak tegen elkaar gezegd dat wij in de kerk niet beter zijn, dat we ook respect moeten hebben voor anderen, en andere geloven, dat we bijna vergeten zijn, of helemaal, om een beetje trots te zijn. Dat wij iets heel bijzonders en kostbaars meekrijgen. Jij bent echt wel bijzonder, als je Jezus volgt.

Wij maken dat klein. Wij doen er minnetjes over. Ach, zó bijzonder ben ik ook weer niet, zeggen we dan. Maar kijk daarvoor uit. Jezus woorden zijn niet zomaar ‘een uitspraak’, ze zijn ook een eis. Jezus maakt duidelijk dat wij een functie, een doel hebben in deze wereld. Zoals zout gebruikt wordt om eten smaak te geven, zo moeten christenen deze wereld smaakvol maken en houden. En daarmee verwijst Jezus naar alle instructies die hij zijn discipelen tijdens zijn leven zal meegeven. Dat zij liefde moeten hebben voor God en hun naaste. Dat zij moeten zorgen voor armen en zieken. Dat zij niet egoïstisch moeten zijn, maar anderen moeten helpen. En ga zo maar door.

En Jezus noemt zijn volgelingen ‘het licht der wereld’, omdat zij het evangelie, de goede boodschap over Jezus Christus de hele wereld rond moeten brengen. Overal moeten vertellen over Zijn opstanding en het Koninkrijk van God dat eraan zit te komen. In het donker van de zonde en schuld, van mensen die van God niet willen weten, moeten zij het licht van Gods genade en liefde laten schijnen. Zodat mensen zich kunnen bekeren, terug kunnen keren tot God en vergeving ontvangen.

Dat draagt Jezus hen op, daar zijn ze voor, dat is hun doel. En dat is niet zomaar een ideetje van hem: “Denk daar eens over na, vind je het wat om daaraan mee te doen?” Nee: Jullie zijn het zout der aarde! Jullie zijn het licht van de wereld! Punt uit. Dit draag ik jullie op. En Jezus zegt er waarschuwend achteraan: ‘maar als het zout zijn smaak verloren heeft, waarmee zal het gezouten worden? Het deugt nergens meer voor dan om weggeworpen en door de mensen vertrapt te worden.’

Deze eis van Jezus geldt dus niet op vrijwillige basis, er staat veel te veel op het spel. Alles staat op het spel, tot je leven toe. Bij de kerk horen, gedoopt worden, Jezus volgen, daarbij hoort logischer wijs ook het serieus nemen van een nieuw doel in je leven, namelijk de verspreiding van Gods genade, de verspreiding van het evangelie, anders zijn dan de wereld, een smaakmaker zijn in je omgeving. Anders wordt je weggeworpen, zegt Jezus, zoals zout dat zijn smaak verloren heeft.

En als Jezus in de evangeliën spreekt over weggeworpen worden, dan bedoelt Hij dat altijd in de meest erge betekenis van in het oordeel van God over je leven, bij de komst van Gods Koninkrijk, níet binnen mogen gaan, maar in de buitenste duisternis moeten blijven, waar gehuild wordt en mensen met hun tanden knarsen van spijt. Wat wij de hel noemen. Het van God en alle goed verlaten zijn.

Als je christen bent, dan staat je leven dus onder hoogspanning: Daar moet je wat mee doen in je leven, anders gaat het goed mis. Dan kan God je niet meer gebruiken, dan ben je een doelmisser. Want een kaars, die zet je toch ook niet ergens onder een emmer, of in een kastje, maar op een kandelaar zoals hier. Zodat iedereen het kan zien. Zo moet de wereld aan u en jou kunnen zien dat je christen bent, dat je bij Jezus hoort, en als dat niet zo is, dan zou ik me maar eens achter de oren krabben, want dan zit er iets goed mis. Dan speel je met je leven, erger nog, dan speel je met God zelf.

Jezus noemt ons dus echt wel bijzonder, maar dat moeten wij dan ook echt wel zijn!

Vóórdat de moed je in de schoenen zinkt, moeten wij er wel op letten wíe dit tegen ons zegt. Jezus zelf. En dat lucht op. Want dat betekent dat dit nooit bedoeld kan zijn als een koude eis, en zie maar verder zelf hoe je het uitzoekt. Zo is Jezus niet. Jezus is iemand die altijd zorgt dat wat er nodig is, brood, vis, wijn, bewijs voor ongelovigen, dat dat er komt. Dat is Zijn genade. Want Hij hoeft dat niet te doen. Hij zou het ons ook zelf uit kunnen laten zoeken, maar Hij wil ons helpen. Hij wil ons bijstaan. En daarin toont Jezus ons dat Hij zelf God is. De God die ons gemaakt heeft en ons niet aan ons lot wil overlaten, maar plannen voor ons heeft en ons roept tot een nieuwe kans, een nieuw leven, een bijzonder leven, een leven als zout en licht in deze wereld.

En we mogen erop vertrouwen dat als Jezus ons die opdracht geeft, om zo als zijn volgelingen in deze wereld te zijn, dat Jezus ons daarbij zal helpen. Dat wij die roeping niet zelf op eigen kracht waar hoeven te maken, maar erom mogen vragen of God ons daarbij wil helpen en dat zal Hij doen.

Jezus roept ons daartoe. En dat mag ook wel. Misschien herinner je je dat twee weken geleden ik vertelde dat Jezus ons feliciteert, dat wij het Koninkrijk der hemelen van Hem krijgen. Dat was nog meer dan het winnen van de loterij. Nu, als je de loterij wint, dan ga je met dat geld iets doen. Dat zet je niet alleen maar op je spaarrekening. Nou, zo is het met het geloof in Jezus Christus ook. Als Jezus jou belooft heeft dat je eeuwig leven en eeuwig geluk krijgt van Hem. Dan denk je niet: zo, dat is binnen. De rest van de wereld moet maar kijken hoe die het redt.

Nee, jij mag meehelpen mensen om je heen te redden van de ondergang. Wij als gemeente helpen mee Everdingen te redden van de ondergang. De kerk wereldwijd helpt mee de wereld te redden van haar ondergang. Want we kunnen er lang of kort over praten, maar als mensen niet in Jezus Christus geloven, dan wacht na de dood de eeuwige verdoemenis, en dat wensen we niemand toe. We willen dat het écht goed met iedereen gaat. En daarom, dáárom nemen we die roeping van Jezus serieus en met dankbaarheid aan.

Als u al wat ouder bent, denkt u misschien: wat heb ik mijn leven er nu van terecht gebracht? Ben ik wel dat zout geweest in mijn omgeving? Heb ik wel mijn licht laten schijnen onder de mensen? En Jezus zegt daarvan, dat licht, ‘dat zijn uw goede werken, die de mensen zien en daarom uw Vader, Die in de hemelen is, verheerlijken.’ Nou, hebben wij heel de wereld daar al toe gebracht? Helaas niet.

Misschien is het dan goed in de tekst te zien dat Jezus zijn volgelingen niet vergelijkt met de zon, die de hele wereld in een schitterende glans kan zetten, zoals vanmorgen toen hij opging. Nee, een lamp, zegt Jezus. Jullie zijn als een klein olielampje. Als een waxinelichtje in een donker huis. Het is licht, maar niet spectaculair, niet om nu heel overdreven over te gaan doen. Maar ook al is het klein, het werkt wel, zonder dat je het merkt soms, toch tot in alle hoeken te zien.

En Jezus belofte aan ons is: Jullie hoeven je geen zorgen te maken over hoe het werkt en of het werkt. Of jullie wel zout zijn en óf jullie wel licht zijn. En of je het wel goed doet en genoeg licht geeft. Nee: Ik maak jullie tot zout en licht. En hebt u wel eens gehoord van zout dat zijn smaak verloor? Volgens mij kan dat helemaal niet. En wel eens gehoord van licht dat geen licht gaf? Ook dat bestaat niet. Over het effect en de reikwijdte van wat wij zeggen en doen hoeven wij ons geen zorgen te maken.

In ieder geval niet individueel. Wij hoeven het onszelf persoonlijk niet aan te rekenen. Er kunnen van allerlei redenen, ziekte, ouderdom, drukte, waardoor wij onszelf voor een tijd of langer niet in kunnen zetten voor de kerk, of niet toekomen aan zorg voor de wereld om ons heen, omdat je zelf zorg nodig hebt. Neem jezelf dat dan ook niet kwalijk. Als ons gemeenschappelijk totaal, als gemeente van Christus in Everdingen, maar positief is. Als wij als gemeente maar iets uitstralen van Gods liefde. En dat kan niet anders. Want zolang de kerk hier op zondag nog twee keer open is, en iedereen uitgenodigd wordt om te komen luisteren naar wat God ons hier te zeggen heeft aan moois, aan redding, aan genade door Jezus Christus, die Zijn leven voor ons gaf, dan zíjn wij gewoonweg met elkaar, alleen al door hier samen te komen een licht in het dorp, de smaak van het dorp.

Hier verheerlijken wij God om Zijn goede werken voor ons. Hier leren wij om die goede werken van God na te gaan doen in ons eigen leven. Want ten diepste is Hijzelf het Licht der wereld. Híj is de zon zelf. Die het duister van zonde en dood verjaagde door te sterven aan het kruis. De heerlijkheid van God straalt van Hem af. Wij hoeven dat alleen maar door te geven.

Ten diepste is onze opdracht dus om volgelingen van Jezus te zijn, en het evangelie te verkondigen. En dat hoeft niet alleen met de mond. Zout, dat werkt onopvallend, ongezien, maar geeft toch smaak. Wij hoeven niet hoog van de toren te blazen, anderen te overtuigen van de christelijke waarheid. Nee, wij moeten goede werken doen, zegt Jezus. En wat zijn dat? Heel eenvoudig, de dingen die Jezus al genoemd had in de zaligsprekingen. Dat wij oprecht zijn en eerlijk. Dat wij werken van liefde verrichten, dat wil zeggen onbaatzuchtig zijn, werken tot nut en voordeel van anderen en tot heerlijkheid van God en niet alleen voor onze eigen welvaart en carrière. In de tijd van Jezus waren goede werken vooral ook het geven van aalmoezen aan armen. De zorg voor de armen in deze wereld dus. Gastvrijheid viel er onder. Daden van barmhartigheid, vriendelijkheid en broederlijke liefde. Dat wij proberen nauwgezet en zorgvuldig te zijn in handel en wandel. Dat je opvalt op school en op je werk omdat je je opdrachten zorgvuldig nakomt, trouw bent in het verrichten van arbeid, en alles wat er gebeurt tot bevordering van het lichamelijk en geestelijk goed van onze medemensen.

Is dat niet te plat? Is dat dan zo bijzonder? Ja, helaas, moeten we zeggen dat dat echt wel bijzonder is in deze wereld. Zo mogen wij als volgelingen van Jezus Christus, zout en licht zijn voor de wereld om ons heen. Smaak en kleur brengen in de wereld, dat is Jezus idee.

Amen

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s