Dank de Schepper

Preek van dankdag 2012 over Genesis 1,1-2,3

Gemeente van Jezus Christus,

Wat valt er vandaag te danken? Afgelopen week werd steeds meer duidelijk wat de plannen van het nieuwe kabinet gaan betekenen voor ons allemaal. 16 miljard moet er weer bezuinigd worden. Dat is € 1000 per Nederlander. Daar wordt niemand blij van. Het is echt crisistijd. Veel mensen zijn de afgelopen paar jaar hun baan kwijt geraakt. Nog veel meer mensen voelen die hete adem in hun nek. Het gaat niet meer zo voor de wind als het in Nederland lang gegaan is. En het ergste is: Het overkomt ons. We hebben niet het gevoel dat je er zelf veel aan kunt veranderen. De problemen groeien ons boven het hoofd. Wat valt er dan nog te danken vandaag in de kerk?

Nu moeten we niet doen alsof  wij er zo dramatisch slecht aan toe zijn. Ergens weten we heus wel dat velen het in de wereld veel slechter hebben en dan wij. Dichtbij al de adressen die de Voedselbank steunt, maar verder weg hoef je alleen maar te denken aan de ellende in Syrië en andere landen waar vrede en basisbehoeften ontbreken. Maar toch, blij en dankbaar worden we niet van onze economische situatie. We leven niet in een jaar van ontspanning, maar in een jaar met zorgen.

Juist in de kerk mogen we dan ook wel een spa dieper steken: Er is niet alleen economische tegenwind, maar de verkiezingen in september lieten een grote nederlaag voor de christelijke politiek zien. Allerlei plannen van het nieuwe kabinet gaan in tegen de oude christelijke traditie. Koopzondagen komen er meer. Over verruiming van de euthanasiewetgeving gaat gesproken worden. Er is geen ruimte meer voor gewetensbezwaarde ambtenaren die liever geen homohuwelijk voltrekken. Nu vormen die regels geen directe bedreiging voor ons als christenen, maar ze laten wel zien welke wind er waait in ons land. Voor velen heeft God afgedaan. Dat proef je in gesprekken met mensen, dat zie je in de leegloop van de kerken in Nederland. Vandaag was in het nieuws dat er weer acht kerkgebouwen van onze kerk dicht gaan alleen al in Den Haag.

Wat valt er dan te danken? Moeten we dan blij zijn met elkaar vandaag? Of moeten we van deze dankdienst, maar een bidstond maken?

Het volk van God, Israël, heeft in de tijd van het Oude Testament genoeg perioden van crisis doorgemaakt. Perioden dat andere machten overweldigend waren. Tijden dat vijandelijke legers het land overspoelden. Dat de oogsten van het land weg geroofd of platgebrand werden. Jaren dat het huilen nader stond dan het lachen.

Je zou zeggen dat zulke crises in de economie, ook een crisis in het geloof teweeg zouden brengen. Dat kunt u wel begrijpen: Bij ons borrelen ‘waarom-vragen’ op. Als God er dan is, waarom gaat er dan zoveel fout? Typisch genoeg zien we in de Bijbel precies het tegenovergestelde gebeuren. Toen Israël in de ballingschap werd weggevoerd en hun thuisland er verwoest bij lag. Ja, toen gaf men het geloof in God niet op, maar ging juist nog méér in Hem geloven. In die jaren zijn veel van de Bijbelboeken op schrift gesteld, die wij vandaag de dag lezen. Ook het boek Genesis. Als er één boek is wat een geloofsgetuigenis is, een belijdenis van de macht van God, dan is dat Genesis, met dat majestueuze begin, dat loflied op de Schepper. De overmacht van Zijn woorden schittert in dit eerste hoofdstuk. Moet je je voorstellen dat dat klonk in hun verwoeste land. ‘De aarde nu was woest en leeg’.

Er viel voor hen zeker veel te klagen. Misschien valt er voor u en jou ook wel veel te klagen. We houden geen dankdag omdat het afgelopen jaar zo fantastisch was. Want voor velen van ons was het dat niet, door zorgen, ziekte, het verlies van werk, het overlijden van dierbaren, de zonden die ons persoonlijk dwars zaten. Maar we houden dankdag vandaag. Omdat wij ons afvragen: Maar ondanks dat alles dan, is er toch nog niet iets wat ons draagt? Wat ons gedragen heeft? Waaruit we hoop en moed geput hebben dit jaar om ons werk te doen?

Toen het volk Israël in de ballingschap zat, vroegen ze zich dat ook af: Hebben wij nog hoop op terugkeer? Hebben wij nog toekomst? Is niet alles tevergeefs geweest? Die vraag bracht hen terug naar het begin, naar het begin van de geschiedenis. Waar komen wij ook al weer vandaan? Hoe is het allemaal begonnen? Het kan geen kwaad als wij ons die vraag ook stellen vandaag. Dankdag is immers vooral ook een dag van terugkijken. Terugkijken op ons werk, op de resultaten daarvan, de oogst die is binnengehaald, het geld wat is verdiend. Maar dieper is het ook terugkijken op: en waaróm heb ik nu eigenlijk gewerkt? Wat hield en houdt mij gaande? Waarvoor doe ik het allemaal. Het is goed die vragen te stellen omdat de dagen anders snel zo’n sleur worden, een tredmolen waarin ieder zijn ding doet. Het is het grote gevaar van onze pragmatische tijd dat die diepere vragen niet gesteld worden, dat niet de tijd genomen wordt om echt even stil te staan.

Juist in deze crisistijd komen we er misschien wel achter dat we in onze maatschappij wegen zijn ingeslagen die we niet in hadden willen slaan. De roep om meer efficiëntie in de zorg zorgt voor schaalvergroting, ontmenselijking, bureaucratisering. Je werkt om je hypotheek te betalen, en de kinderopvang, en de vakantie. Maar als dat het enige is, waar haal je dan vreugde vandaan en voldoening. Waar vinden we rust en vrede in tijden van stress en een 24-uurseconomie?

Vandaag gaan we met Israël daarom even helemaal terug naar het begin. Back to the basics. Hoe is het allemaal begonnen met ons en onze wereld? Het is wonderlijk dat de Bijbel dan niet begint bij de grote koningen David en Salomo, de glorietijd van Israel. Ook niet bij Jozua,  de verovering van het land en de start van de economie. Ook wordt niet begonnen bij Abraham, Izak en Jakob, het begin van het volk, van de familie, de bloedband, de saamhorigheid. Nee, nog verder terug grijpt de Schrift naar het allereerste begin toen er nog niets was. Niets? Jawel, God was er.

‘In het begin schiep God de hemel en de aarde’.

Willen wij op dankdag in crisistijd kunnen danken, dan moeten we terug naar het allereerste begin. Back to the basics. En dat begint met God. Dat is gelijk ook het eerste dankpunt: Eérder dan de crisis, eerder dan onze zorgen, eerder dan wij, was daar God. Als wij die lijn vandaag teruglopen, komen wij bij Hem uit. Dat is een geloofsbelijdenis. De schrijver van Genesis wist niets van onze moderne wetenschap die het ontstaan van de aarde en het leven verklaard uit de oerknal en de evolutietheorie. Maar het is ook helemaal niet met elkaar in strijd. De basis van het scheppingsverhaal is niet hoe God de wereld heeft gemaakt in detail. De schrijver is er immers niet zelf bij geweest. Geleid door de heilige Geest is dit scheppingsverhaal op papier gekomen en bevat de meest basale waarheid: Het is niet toevallig dat de wereld er is. Het is niet toevallig dat wij er zijn. God heeft het gewild. Hij heeft ervoor gezorgd.

Voor Israël is dat in de crisis van de ballingschap een enorme bemoediging geweest: In de chaos van de tijd, in voor mensen onoverkomelijke zorgen, mag er een basisvertrouwen zijn: Maar God is er altijd nog. Hij die hemel en aarde gemaakt heeft. Van Hem is onze hulp. Hij laat niet los wat Zijn hand begon. Is dat ook uw geloof? Uw vertrouwen? ‘De aarde nu was woest en leeg, en duisternis lag over de watervloed’ [je voelt de dreiging, de donkerte, de chaos] maar! ‘de Geest van God zweefde boven het water.’ Heel in het klein kan het in jouw en uw leven ook zo zijn. Zelfs in het donker kun je dan danken.

Om echt dankdag te vieren, moeten we dan bij ook bij onszelf naar binnen kijken. Naar onze eigen ‘basics’. Zit er bij ons alleen maar chaos en onrust van binnen? Of merken we ook iets van diezelfde heilige Geest, die in ons waait. Die ons lucht geeft. Veels te weinig, denk ik wel eens bij mezelf… Misschien wel daarom is het goed vandaag terug te keren naar de schepping. Niet als iets dat lang geleden gebeurt is, maar als iets dat ook vandaag opnieuw kan gebeuren in uw, jouw en mijn hart. Dat de heilige Geest zweeft over al die zorgen van ons. Om van alle chaos en crisis nog iets te maken. Om leven te brengen in ons hart. Dat God ook tot jou spreekt.

Voor God is een enkel woord genoeg! ‘Laat er licht zijn!’ En er was licht. Die paar woorden alleen al getuigen van de overweldigende macht van de HEERE. Hij hoeft niets te doen, alleen maar te spreken. Te gebieden en het is er. De zes scheppingsdagen lang gaat het zo. God maakte geen lange dagen. Telkens is een enkel woord genoeg. Elke dag begint met de korte zin: En God zei…

U moet weten dat dit scheppingsverhaal daarin uniek is. Uit de Oudheid kennen we ook uit andere culturen vele scheppingsverhalen. Niet alleen Joden, maar ook alle andere mensen dachten natuurlijk na over de vraag waar zij zelf en de wereld als geheel vandaan kwam. In die andere verhalen is vaak sprake van verschillende goden die met elkaar oorlog voeren. De god die uiteindelijk met moeite als overwinnaar uit de strijd komt, maakt van de resten van zijn tegenstanders de aarde. Op allerlei wonderlijke manieren moeten er vervolgens mensen en planten uitkomen. Het gaat allemaal dus niet zonder slag of stoot. Zulke mythische verhalen komen ons wat belachelijk voor, maar vroeger geloofde men daar heilig in.

Daarnaast klinkt dan in dit scheppingsverhaal de eenvoudige macht van onze God, die zónder slag of stoot, maar met een enkel woord alles in het aanzijn roept. De eerste drie dagen het gebinte van de wereld. De eerste dag het licht, dat is de tijd, de voortgang van de dagen. De tweede dag, de ruimte, het hemelgewelf. De derde dag het land, stevigheid, fundament. Gewoon door te spreken is na drie dagen het gebinte, het raamwerk van de wereld af. De volgende drie dagen zijn voor de inrichting: dag 4: lampen aan de hemel. Zon, maan en sterren beginnen te schijnen na een enkel woord. Dag 5 en 6 de levende wezens in de lucht, in het water en op het land. En ten slotte de mens.

Dat laatste is wel de climax. Je merkt dat door de dagen heen God elke keer méér woorden nodig heeft. De schepping wint aan rijkdom, kleur en variatie. Bij de mens worden plechtige woorden gesproken: Nu is het moment!  ‘Laat Ons mensen maken’. In andere scheppingsverhalen die men in de heidense omgeving van Israel kende, was de mens een bijproduct van een ruzie tussen de goden. In de Bijbel is de schepping van de mens een hoogtepunt, het doel van Gods schepping. God wil niet alleen róepen, Hij wil iemand om mee te spreken. Om woorden mee te wisselen. Ons.

En ons geloof is dat die scheppingsmacht van God zich niet beperkt tot 6 dagen in een grijs verleden, maar dat het spreken van onze God nog steeds leven geeft. Deze God staat ook aan het begin van uw en mijn leven. Pas in tijden van crisis ga je de waarde daarvan inzien. Dat jij niet jezelf overeind hoeft te houden. Dat wij niet als Atlas in de Griekse mythologie de hemel op onze schouders dragen. Maar dat ons leven gedragen wordt. Dat de wereld ons gegeven is. En dat God ons in deze wereld geplaatst heeft om een relatie met Hem aan te gaan. God heeft ons geschapen ‘naar Zijn beeld’, dat wil zeggen: In staat om lief te hebben.

Valt daarvoor te danken? Ik denk het wel. Het is niet zo concreet als geld in je portemonnee. Op één of andere manier hebben wij dat soms liever. Geef mij maar een goed gevulde beurs, en laat me lekker mijn eigen gang gaan, van ‘liefde’ of ‘liefde van God’ kan ik niks kopen. Dan lijken we een beetje op de verloren zoon, die erfenis van Zijn vader vroeg: ‘Geef maar op.’ En zonder dankjewel zijn vader liet staan. Wees blij dat je hier in de kerk dan hoort: In tijden van crisis komt het er niet op aan om zo snel mogelijk je inkomen weer op het oude niveau te krijgen. Het komt er op aan terug te keren naar de Vader. Naar het begin. Naar Genesis. Naar de schepping. Naar de liefde van God en Zijn verlangen om die met jou te delen.

Maar lost dat iets op dan? We zitten hier nu wel rustig bijeen in de kerk. We kunnen het mooi hebben over de liefde van God. Maar al die concrete zorgen dan? We kunnen toch niet doen alsof dat allemaal niet bestaat? We moeten toch in ons onderhoud voorzien, zegt datzelfde scheppingsverhaal dat niet?

Als je goed leest in Genesis 1, en de achtergronden daarvan kent, dan biedt het scheppingsverhaal ook antwoorden op die vragen. Ik vertelde al dat er veel verhalen waren in de heidense omgeving van Israel over het ontstaan van de wereld. Daarbij waren allerlei goden, monsters en mythische wezens betrokken, die ook het dagelijks leven moeilijk en angstig maakten. Voor de oogst was je afhankelijk van de god die voor de vruchtbaarheid zorgde. Er konden demonen zijn die je ziek maakten. De god van de dood kon zomaar familie van je meenemen naar het dodenrijk. Schepen op zee vergingen door zeemonsters. Heel de wereld werd voor de mensen in de oudheid bevolkt met goden en machten die zich zomaar tegen je konden keren.

Genesis 1 zegt duidelijk dat álles, maar dan ook álles aan God onderworpen is en Hem gehoorzaamt. Die watervloed in vers 2, de ‘tehom’ in het Hebreeuws, was voor de heidenen een chaosmacht, maar hier is hij getemd door de Geest van God. In de landen om Israël werden de zon en de maan aanbeden als goden. Goden die vanuit de hemel alles zien en beïnvloeden. Nee, zegt God, het zijn maar lampen, lichten, vers 14. Een grote en een kleine. Expres worden de namen niet eens genoemd. Niets om bang voor te zijn! De zeemonsters die schepen laten vergaan, dat zijn gewone waterdieren, door God gemaakt, vers 21. En we zijn helemaal niet afhankelijk van allemaal wispelturige godinnen als  ‘moeder aarde’, die de ene keer veel, de andere keren geen oogst opleveren. Het is God die de aarde toespreekt, vers 11 en 24: Breng groen voort en levende wezens!

Met andere woorden: We leven inderdaad in een wereld waarin veel machten zijn. Dingen die ons boven het hoofd gaan. Maar dat is niet iets om bang van te worden, maar om vervuld te raken van ontzag voor de Schepper. Wat ons chaotisch en beangstigend voor kan komen, maakt deel uit van de orde die Hij aanbrengt. Dit hoofdstuk straalt een kalme rust uit. Majestueus wijst de Schepper alles zijn plek, ieder naar zijn eigen aard en soort. De lichten aan het hemelgewelf. De zee op in zijn bedding. De planten, vissen, vogels en dieren elk in hun eigen domein.

Er zijn geen goden dan alleen onze God, die de Schepper is. Dat is voor ons als christenen nog alleen maar sterker geworden sinds Jezus Christus ook de dood overwonnen heeft. Die macht is de enige die nog steeds lijkt te heersen op aarde. Omdat alles en iedereen eens sterft en vergaat. Maar sinds Jezus Christus opgestaan is uit de doden. Het graf achter zich gelaten heeft, is zelfs die uiterste grens geslecht. ‘Nu jaagt de dood geen angst meer aan, want alles alles is voldaan’.

Dat God Schepper is, wil dus zoveel zeggen, dat wij ook vandaag onze zorgen en de dingen die ons boven het hoofd groeien in Zijn handen mogen leggen. Alles waar wij geen raad mee weten, dat is goud in Zijn handen. Hij wist van de chaotische watervloed onze prachtige wereld te maken. Bedenk dan maar wat Hij kan met jouw zorgen, verdriet en zonden.

Vandaag is het dankdag en zitten we hier in de kerk. Dat doen we niet voor niets. We mogen God danken dat Hij onze Schepper is en Hij de wereld in de palm van Zijn hand houdt. En op die wereld ligt ook ergens Everdingen, en daar lopen wij. De mensen van Zijn eeuwige liefde. Als we dat beseffen, dan kunnen we niet anders dan op onze knieën Hem aanbidden.

Het maakt niet uit of de schepping precies zo verlopen is als hier beschreven wordt. Wát er gezegd wordt over God is in ieder geval waar. Wat er gezegd wordt over onze wereld en wie wij mensen zijn, dat raakt de kern. We hoeven niet met angst en beven door de wereld te gaan, maar mogen ontvangen wat God geeft. En als je eerlijk kijkt naar jezelf en je leven, dan is dat nog heel wat. We mogen als gelovigen back to the basics. Terug naar God, door Jezus Christus, onze Heere, die de dood overwon. De wereld is voor ons onttoverd. We geloven niet meer in goden en monsters. De demonen zitten figuurlijk gesproken meer bij onszelf van binnen. In die zin dat veel van het kwaad bij ons mensen vandaan komt.

Maar het is wel essentieel om te blijven geloven in God. Anders groeit dat kwaad uit tot het voor ons niet meer te overzien is. We hebben in de afgelopen eeuw misschien wel teveel van de schepping gevergd, waardoor het klimaat nu langzamerhand stuk gaat. Dat was natuurlijk niets Gods bedoeling met de opdracht die Hij meegaf: ‘Wees vruchtbaar, word talrijk, vervul de aarde en onderwerp haar, en heers over de vissen van de zee, over de vogels in de lucht en over al de dieren die over de aarde kruipen!’ Het was niet de bedoeling om rijk te worden, hebzuchtig, elkaar te overheersen, zoals het nu in de wereld toe gaat.

Jezus Christus overwon de dood en de machten en ging naar de hemel. En toen dachten we dat de wereld van ons was. Maar dat is de grootste vergissing van onze tijd. De wereld is dan wel onttoverd, niet meer schrikwekkend, maar de enige manier om dat zo te houden is om God te blijven danken en erkennen voor Zijn scheppingsmacht. De beste manier om de crisis te bestrijden is met elkaar vandaag dankdag te houden. Hoe gek dat ook klinkt. Als wij danken dat God Schepper is en belijden dat Hij dat nog steeds is. Dan en dan alleen gaat het goed komen met ons. Want dan mogen we opgelucht ademhalen dat u en ik er niet alleen voorstaan. We mogen terugvallen op Hem.

In plaats van angst en vrees geeft dat geloof ons vrolijkheid. Door zorgen vernauwt zich ons blik, totdat je alleen nog maar de problemen ziet. De ontspanning van het geloof in de Schepper, maakt ons daarvan los. Die laten we aan Hem over, en wij kunnen ons oprichten en om ons heen zien. De beste oplossing voor een crisis, is om even uit het raam te staren of een wandelingetje te maken en goed om je heen te kijken. De frisse herfstlucht in te snuiven en te genieten. Niet dat de natuur zelf ons helpt, maar wij zien door dat alles heen de ontferming en liefde van onze God, Vader, Zoon en Geest, die met plezier dat alles heeft gemaakt voor ons om in te wonen.

En misschien moeten we dan ook heel praktisch maar ‘back to the basics’. De kledingkast maar iets minder vol. Een biertje minder tijdens het stappen. Even geen nieuwe computer of tv. Wat geeft het nou echt ten diepste? We hebben elkaar als mensen. We hebben God, onze Schepper? En we verwachten een nieuwe hemel en een nieuwe aarde.

Wat valt er te danken vandaag? Dat was de vraag waarmee we begonnen. Wel, wij danken vandaag Iemand die ons tot onze verwondering kan vullen met vrolijkheid in een overweldigende wereld. Wij danken vandaag dat wij een Schepper hebben. Wij bedanken vandaag Vader, Zoon en Geest voor Zijn scheppingsmacht, die doordringt tot in onze harten.

Amen

Advertenties

One thought on “Dank de Schepper

  1. Pingback: Leeservaring: Van den Brink – En de aarde bracht voort | Lees, geniet en geloof

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s